Van grasveld tot voedselbos: laat je inspireren door Gé Visser!
Op het terrein van het College Hageveld in Heemstede gebeurt iets bijzonders. Waar ooit een simpel grasveld lag, werken leerlingen nu samen in een levendige moestuin. Vijf jaar geleden begon gymdocent Gé Visser deze tuin. Met zijn liefde voor de natuur weet hij veel mensen te inspireren. Niet alleen zijn leerlingen, maar ook duizenden volgers op zijn Instagram-pagina ‘Voedselbosje’. Wie is deze enthousiaste man? Laat je inspireren en lees snel verder!
Leren door te doen
Al zo’n dertig jaar werkt Gé op de school, waar hij zelf ook ooit leerling was. Het ‘buitenlokaal’, zoals de moestuin ook wel wordt genoemd, is inmiddels een vaste plek waar leerlingen elke week samenkomen. “De moestuin creëert een plek van verbinding tussen de leerlingen,” vertelt Gé. “Het is veel meer dan alleen les over zaaien. We bouwen, tuinieren, koken en leren van de natuur. De kracht zit in actie. We praten veel, maar je leert het pas echt door te doen.” En dat werkt aanstekelijk. Sommige leerlingen beginnen thuis ook met tuinieren. Volgens Gé laat dat zien hoe groot de impact kan zijn. “Mensen denken vaak dat hun bijdrage klein is, maar samen maken we echt verschil.”
“Hier leren leerlingen weer contact maken met de natuur.”
Volgens Gé is de moestuin ook belangrijk voor ontspanning. “Jongeren zijn veel bezig met sociale media, ervaren prestatiedruk en komen weinig buiten. Hier kunnen ze hun hoofd leegmaken en even lekker met de natuur bezig zijn.” Hij ziet dat tuinieren helpt tegen stress en zorgt voor meer rust en verbinding.
Naast de moestuin zijn er ook andere projecten. Leerlingen gaan bijvoorbeeld naar een natuurvriendelijke boerderij in Spanje. Daar zien ze het verschil tussen gewone landbouw en werken met de natuur. “Dat was interessant en zelfs leuker dan een gewone werkweek,” vertelt een voorbijfietsende leerling, die vorig jaar mee was.
Gé hoopt dat meer scholen zullen volgen met een ‘buitenlokaal’. “Hier leren leerlingen weer contact maken met de natuur en ook met zichzelf,” zegt hij. “Het gaat niet alleen om tuinieren, maar ook om leren over kringlopen (dat alles verbonden is), het bodemleven en hoe we de aarde goed doorgeven aan de volgende generatie.”
Wat kun jij zelf doen?
In de loop der jaren raakte Gé steeds meer geïnspireerd door een manier van werken waarbij ‘leren van de natuur’ centraal staat. Dit wordt ook wel permacultuur genoemd. “In de natuur bestaat geen afval,” legt hij uit. “Alles heeft een functie en alles is met elkaar verbonden.” Als je dit toepast, bijvoorbeeld door de bodem met rust te laten en de natuur te volgen, krijg je gezondere planten en een sterker geheel,” legt hij uit.
Die boodschap geldt niet alleen voor leerlingen, maar ook voor inwoners van Heemstede. Volgens Gé hoeft een tuin helemaal niet strak en perfect te zijn. Sterker nog: een natuurlijke tuin is zelfs beter voor de biodiversiteit. “Elk stukje natuur heeft zijn betekenis,” legt hij uit. “Egels houden bijvoorbeeld van rommelhoekjes en brandnetels zijn belangrijk voor vlinders. Zelfs onkruid kan nuttig zijn.”
Ook benadrukt Gé hoe belangrijk het is om je energie goed te gebruiken. “Hoe ik dat zelf doe in mijn leven? Ik probeer de dingen te doen die ik leuk vind en waar ik goed in ben.”
“Houd het simpel en begin gewoon.”
Weet je niet waar je moet beginnen? Volgens Gé hoeft tuinieren helemaal niet ingewikkeld te zijn. “Begin klein en laat de natuur het werk doen,” zegt hij. “Stop met spitten en geef je bodem rust. Met een laagje compost maak je de grond vanzelf gezonder.” Ook onkruid hoef je niet altijd weg te halen. Veel planten hebben juist een functie en helpen de bodem verbeteren.
Wil je een stap verder gaan? Dan kun je denken aan een klein vijvertje. Dat trekt dieren aan die helpen in je tuin. “Kikkers en padden eten bijvoorbeeld weer slakken,” legt Gé uit. “Zo werk je samen met de natuur in plaats van ertegen en hoef je dus geen chemische troep te gebruiken.”
Heb je geen tuin, maar een balkon? Ook dan kun je makkelijk beginnen. “Niets smaakt lekkerder dan je eigen tomaten,” zegt hij. Tomaten zijn volgens hem een goede en eenvoudige start, zolang je genoeg zon hebt, maar je kunt ook denken aan groentes als prei en knoflook. Zijn belangrijkste tip: “Houd het simpel en begin gewoon.”
Zijn laatste boodschap?
“We zijn onderdeel van de natuur. Mensen denken wel eens: het maakt toch niet uit wat ik doe? Het is een druppel op de gloeiende plaat, maar met zijn allen hebben we heel veel impact. Kijk naar wat er leeft, groeit en bloeit. Werk met de natuur mee in plaats van ertegenin. Dan maak je het sterker, mooier en trek je meer dieren aan. Als je goed gaat kijken, ontdekt je hoe prachtig en slim de natuur in elkaar zit. Het zou zonde zijn als we dat kwijt gaan raken.’
Wil je meer weten over permacultuur? Ga naar de website(Verwijst naar een externe website) van Gé. Liever nu gelijk aan de slag? Lees ons vorige interview met koploper Annetje voor nog meer praktische tips!